Jon Beaton, altijd de laatste die het weet, ontdekt op latere leeftijd dat hij autisme heeft – een diagnose die zowel bevrijding als rouw brengt. Op zoek naar gezelschap wendt hij zich tot vier figuren die de memo mogelijk volledig hebben gemist: Charles Darwin, Ludwig Wittgenstein, Émile Reynaud en de Boeddha. Beaton bouwt een praxinoscope – Reynauds eigen uitvinding – om hen weer tot leven te wekken.