

In augustus 1991 maakte een mislukte staatsgreep door hardline communisten in Moskou een einde aan 70 jaar Sovjetbewind. De USSR stortte kort daarna in, en de driekleur van de Russische Federatie wapperde boven het Kremlin. Terwijl president Gorbatsjov werd vastgehouden, zonden de door de coupplegers overgenomen staats-tv en -radio Tsjaikovski's 'Zwanenmeer' uit in plaats van nieuwsbulletins. In Moskou verzamelden demonstranten zich rond het Witte Huis om het bolwerk van de democratische oppositie onder Boris Jeltsin te verdedigen, terwijl in Leningrad duizenden verwarde, bange en opgewonden mensen de straat opgingen om deel uit te maken van deze gebeurtenis die hun lot zou bepalen. Een kwart eeuw later blikt Sergej Loznitsa terug op deze dramatische dagen, die wereldwijd werden gezien als de geboorte van de 'Russische democratie'.