Alberto de Almeida Cavalcanti was een in Brazilië geboren filmregisseur en producent. Hij werd geboren in Rio de Janeiro als zoon van een vooraanstaand wiskundige. Als uitzonderlijk intelligent kind studeerde hij al op zijn vijftiende rechten aan de universiteit, maar na een ruzie met een hoogleraar werd hij van school gestuurd. Zijn vader stuurde hem naar Genève, Zwitserland, op voorwaarde dat hij geen rechten of politiek zou studeren; Cavalcanti koos voor architectuur. Op zijn achttiende verhuisde hij naar Parijs om voor een architect te werken, later stapte hij over op interieurontwerp. Na een bezoek aan Brazilië aanvaardde hij een functie bij het Braziliaanse consulaat in Liverpool, Engeland.
Cavalcanti correspondeerde met Marcel L'Herbier, een vooraanstaand figuur in de Franse avant-gardefilm. Dit leidde tot een baan als decorontwerper. In 1920 verliet hij het consulaat en keerde terug naar Frankrijk om voor L'Herbier te werken, waarbij hij betrokken was bij talrijke films, met name L'Inhumaine.
Al snel regisseerde hij zelf films. In 1926 debuteerde hij met Rien Que les Heures (Niets dan de tijd), een dag uit het leven van Parijs en zijn inwoners. In 1927 werkte hij samen met Walter Ruttmann aan een soortgelijk project in Berlijn, Berlin: Die Sinfonie der Großstadt (Berlijn: Symfonie van een grote stad).
Na de opkomst van de geluidsfilm accepteerde Cavalcanti een baan bij de Franse studio's van Paramount, maar hij vond de commerciëlere films niet interessant en vertrok in 1933. Datzelfde jaar keerde hij terug naar Engeland om voor de GPO Film Unit van John Grierson te werken. Hij was in vele hoedanigheden betrokken, van productie tot geluidstechnicus. Hij bleef zeven jaar bij de GPO, waar hij veel ongenoemd werk verrichtte en als mentor diende voor nieuwe filmmakers. In 1937 werd hij waarnemend hoofd van de GPO Film Unit toen Grierson naar Canada vertrok. Toen hem werd verteld dat de functie alleen vast kon worden als hij de Britse nationaliteit aannam, besloot hij de eenheid te verlaten.
In 1940 sloot Cavalcanti zich aan bij Ealing Studios, onder leiding van producent Michael Balcon. Hij werkte als redacteur, producent en regisseur. Zijn bekendste werken uit deze periode (veelal propagandafilms) zijn Yellow Caesar (1941), Went the Day Well? (1942), Three Songs of Resistance (1943), Champagne Charlie (1944), Dead of Night (als co-regisseur, 1945) en Nicholas Nickleby (1947). In 1946 verliet hij Ealing vanwege een geldgeschil. Hij regisseerde nog drie films in het Verenigd Koninkrijk voordat hij in 1950 terugkeerde naar Brazilië.
In Brazilië werkte hij als producent voor Companhia Cinematográfica Vera Cruz, dat uiteindelijk failliet ging. Nadat hij in Brazilië op de zwarte lijst stond als communist, besloot hij in 1954 terug te keren naar Europa. Hij vestigde zich uiteindelijk in Frankrijk, waar hij verderging met televisiewerk. Hij stierf in Parijs in 1982 op 85-jarige leeftijd.