Zijn carrière in animatie begon in 1924 als inker voor de stomme Krazy Kat-filmpjes van Paramount Studios. Kort daarna werkte hij voor Fleischer Studios aan series zoals Koko the Clown en Betty Boop. Daar ontmoette hij Shamus Culhane en Al Eugster, met wie hij een lange professionele band onderhield. Samen vertrokken ze naar Ub Iwerks en in 1935 naar Walt Disney Studios. Bij Disney animeerde hij onder meer Jiminy Cricket in Pinocchio en de centaurs in Fantasia. Zijn laatste Disney-werk was voor Dumbo (1941). Na de Disney-staking van 1941 deed hij kort onvermeld werk voor Tex Avery bij MGM, voordat hij tijdens WOII werd ingelijfd bij de First Motion Picture Unit, waar hij educatieve films maakte voor het leger. Na de oorlog richtte hij zijn eigen bedrijf, Animedia Inc., op dat animatie voor reclames en commercials produceerde, kostuums voor Walt Disney World ontwierp en segmenten voor Sesame Street animeerde. In de jaren 70 sloot hij Animedia om weer fulltime in animatie te werken, onder meer voor Hanna Barbera aan films zoals The Jetsons Meet the Flintstones (1987). Hij ging in de jaren 80 met pensioen maar bleef freelance ontwerpen maken, zoals mascottes voor het MGM Grand hotel in Las Vegas.